Pigmenten

Organische en niet-organische pigmenten in HPL compactplaten:
waarom kleur al vóór de toplaag begint

Een compactplaat kan er op dag één prachtig uitzien. De vraag is wat er tien jaar later nog van over is. Want kleur is bij HPL compactplaten geen oppervlakkig detail. Het is een prestatie-eigenschap die bepaalt hoe een gevel er na jarenlange blootstelling aan regen, zon en temperatuurwisselingen nog uitziet.

In de praktijk wordt kleurvastheid vaak gekoppeld aan de UV-beschermingslaag. Die laag is inderdaad belangrijk, maar hij is niet het startpunt. De basis van kleur ligt dieper: in de pigmenten die in het decorpapier zijn verwerkt. En precies daar zit het verschil tussen een kleur die langdurig stabiel blijft en een kleur die langzaam vervaagt.

In dit artikel leggen we uit wat organische en niet-organische pigmenten zijn, hoe ze zich gedragen bij buitengebruik en hoe de opbouw van de UniKern® biobased compactplaat hierop inspeelt.

Wat zijn pigmenten in een HPL compactplaat?

Een HPL compactplaat is opgebouwd uit meerdere lagen kraftpapier en decorpapier, samengeperst onder hoge druk en temperatuur. De kleur zit in het decorpapier: in de vorm van vaste, onoplosbare kleurdeeltjes die we pigmenten noemen.

Pigmenten geven de plaat zijn kleur, maar ze doen meer dan dat. Ze bepalen mede hoe stabiel die kleur blijft onder invloed van UV-straling, vocht en temperatuurwisselingen. Dat maakt de keuze voor het juiste type pigment een technische beslissing, geen esthetische.

Er zijn twee hoofdgroepen: organische pigmenten en niet-organische pigmenten.

Organische pigmenten: levendig van kleur, gevoelig voor UV

Organische pigmenten zijn koolstofverbindingen met een complexe moleculaire structuur. Ze zijn verantwoordelijk voor de meest levendige en verzadigde kleuren in een collectie: denk aan rood, oranje, geel, helder blauw en groen.

Technisch gezien hebben organische pigmenten een hoge kleurkracht, een fijn deeltjesformaat en een rijke visuele diepte. Dat zijn waardevolle eigenschappen. De keerzijde is dat de complexe koolstofstructuur gevoelig is voor UV-straling. Bij langdurige blootstelling kunnen de moleculaire bindingen geleidelijk afbreken, wat leidt tot kleurvervaging.

De Blue Wool Scale is een methode om de lichtechtheid te bepalen. Deze indeling loopt van 1 t/m 8. Organische pigmenten scoren doorgaans tussen de 4 en 6. Dat is matig tot goed, afhankelijk van de pigmentfamilie én de bescherming die het systeem biedt.

Niet-organische pigmenten: stabiel van structuur, sterk in de buitenlucht

Niet-organische pigmenten zijn mineraal gebaseerde verbindingen, vaak afgeleid van metaaloxiden of -zouten. Ze komen van nature voor in kleuren die dicht bij aardse tinten liggen: wit, grijs, zwart, grafiet, bruintinten en de meeste hout- en steendecoren.

Bekende voorbeelden zijn:

  • IJzeroxide (voor bruinen, roesten, terracotta)
  • Titaandioxide (voor wit en lichte tinten)
  • Chroomoxide (voor olijfgroen)
  • Koolstofzwart (voor zwart en grafiet)

De sterkte van niet-organische pigmenten zit in hun kristallijne structuur. Die is stabiel, weinig gevoelig voor UV-afbraak en behoudt zijn eigenschappen ook bij langdurige blootstelling aan weer en wind. Op de Blue Wool Scale scoren ze doorgaans 7 tot 8: uitstekend.

Dat is ook de reden waarom houtlook-, steenlook- en metallookdecoren bij buitengebruik relatief makkelijk kleurvast te houden zijn. Ze zijn van nature gebaseerd op de meest stabiele pigmentsoorten.

Waarom kleur al vóór de toplaag begint

Een veelgehoorde misvatting is dat de UV-beschermingslaag de kleur ‘vasthoudt’. Dat klopt slechts ten dele. Een goede toplaag vertraagt UV-afbraak aanzienlijk, maar hij compenseert niet wat er op pigmentniveau al mis is gegaan.

Anders gezegd: een zwak pigment met een sterke toplaag presteert nog altijd minder dan een sterk pigment met een sterke toplaag. De kwaliteit van de kleur begint dus bij de keuze en verwerking van de pigmenten zelf, in het decorpapier, vóórdat er een beschermende laag overheen gaat.

Dit is waarom hoogwaardige HPL compactplaten voor buitengebruik niet alleen investeren in een goede toplaag, maar ook in de kwaliteit van het decorpapier en de manier waarop pigmenten daarin zijn verdeeld en verankerd.

Hoe de opbouw van UniKern® hierop inspeelt

UniKern® biobased compactplaten zijn opgebouwd uit Europees kraftpapier en decorpapier. De platen zijn voor minimaal 70% samengesteld uit FSC®-gecertificeerd kraftpapier, wat zorgt voor een stabiele en uniforme basisstructuur.

Een goede basisstructuur is geen detail. De kwaliteit van het onderliggende papier bepaalt mede hoe egaal pigmenten zijn verdeeld, hoe goed ze verankerd zijn in het harsmatrix, en daarmee hoe consistent de kleur zich gedraagt over de hele oppervlakte van een plaat. Een plaat met ongelijkmatige pigmentverdeling veroudert ook ongelijkmatig.

Voor kleuren waarbij UV-stabiliteit extra aandacht vraagt, denk aan levendige RAL-kleuren op basis van organische pigmenten, zijn de UniKern® platen voorzien van een extra UV-bestendige toplaag. Deze topcoating zorgt voor een extra matte afwerking én een aantoonbare verbetering van de kleurvastheid bij buitengebruik.

In de collectie zijn deze kleuren herkenbaar aan de toevoeging NTX. Van de 40 beschikbare kleuren zijn er 31 voorzien van deze extra bescherming. De overige kleuren, waaronder wit en lichtgrijs, zijn van nature gebaseerd op stabielere, niet-organische pigmenten en hebben die extra laag minder nodig.

Alle UniKern® compactplaten voldoen aan EN 438-7, zijn voorzien van CE-markering en worden geleverd met tien jaar garantie tegen verkleuring en delaminatie.

Houtlook, steenlook en metallook: van nature kleurvast

Hout-, steen- en metallook decoren presteren bij buitengebruik doorgaans het meest stabiel. Dat is geen toeval. Deze decoren zijn van nature gebaseerd op niet-organische pigmenten: aardetinten, oxiden, grafiet en zwart.

Bij UniKern® zijn ook de hout- en metallook decoren die in aanmerking komen voorzien van een extra UV-toplaag, voor maximale bescherming. Zo combineert de uitstraling van hout of steen met de technische prestaties die je van een bouwproduct voor buitengebruik mag verwachten.

Wat betekent dit bij het kiezen van een kleur voor uw gevel?

Bij het kiezen van een gevelplaat is kleur méér dan een designbeslissing. Het is ook een technische afweging. Sommige vragen die het stellen waard zijn:

  • Is de kleur gebaseerd op organische of niet-organische pigmenten?
  • Is er een extra UV-beschermingslaag aangebracht?
  • Hoe is het decorpapier samengesteld en hoe zijn pigmenten daarin verankerd?
  • Welke garantie biedt de fabrikant specifiek op verkleuring?

Bij UniKern® zijn deze vragen beantwoord in de productopbouw en de bijbehorende garantievoorwaarden. Wie kiest voor één van onze kleuren, kiest voor een systeem waarbij kleurvastheid op meerdere niveaus is geborgd: in het pigment, in het decorpapier en (waar nodig) in de toplaag.

Conclusie

Kleurvastheid bij HPL compactplaten voor buitengebruik begint niet bij de toplaag. Het begint bij de pigmenten in het decorpapier.

Niet-organische pigmenten zijn van nature UV-stabiel en leveren de sterkste langetermijnprestaties. Organische pigmenten maken levendige kleuren mogelijk, maar vragen om een goed ontworpen beschermingssysteem. Bij UniKern® biedt, waar nodig, de toplaag die bescherming, in combinatie met de keuze voor een hoogwaardige kwaliteit papier als basis.

Het resultaat is een gevel die er niet alleen op dag één goed uitziet, maar dat ook na tien jaar nog doet.

Veelgestelde vragen over pigmenten en kleurvastheid in compactplaten

Wat is het verschil tussen organische en niet-organische pigmenten?

Organische pigmenten zijn koolstofverbindingen die levendige, verzadigde kleuren leveren maar gevoeliger zijn voor UV-afbraak. Niet-organische pigmenten zijn mineraal gebaseerd, minder kleur intens maar van nature veel UV-stabieler. Voor buitengebruik is dit onderscheid technisch relevant.

Omdat een gevel jarenlang aan weer, zon en temperatuurwisselingen wordt blootgesteld. Kleur die vervlakt of ongelijkmatig veroudert, is een zichtbaar teken van kwaliteitsverlies. Kleurvastheid is daarmee een directe maatstaf voor de levensduur van het materiaal.

Nee. Kleuren op basis van niet-organische pigmenten, zoals wit, grijs, zwart en de meeste hout- en steen decoren, zijn van nature UV-stabieler. Levendige kleuren zoals rood, oranje en geel zijn gebaseerd op organische pigmenten en vragen om extra bescherming. Bij UniKern® zijn juist die kleuren voorzien van de NT-toplaag.

De structuur van het decorpapier bepaalt hoe egaal pigmenten zijn verdeeld en hoe goed ze verankerd zijn in het harsmatrix. Een niet egale verdeling leidt tot ongelijkmatig verouderen. Een hoogwaardige papierstructuur is dus een onderdeel van een goed kleurprestatiesysteem, niet alleen de toplaag.

Omdat ze van nature zijn gebaseerd op niet-organische pigmenten: oxiden, aardetinten, grafiet en zwart. Die pigmenten zijn kristallijn van structuur en veel minder gevoelig voor UV-afbraak. Daardoor is de inherente kleurstabiliteit hoger dan bij levendige, verzadigde kleuren.

Building Suits Logo
Contactgegevens

Gompenstraat 47
5145 RM Waalwijk
0416 – 651323
info@buildingsuits.nl

×